TELEFOON IN DE GEMEENTE DEURNE
(Deurne, Liessel, Neerkant en Helenaveen)
TUSSEN 1900 EN 1925

(achtergrondinformatie van Luuk Keunen)

 

De kantoren in de gemeente Deurne

 

Deurne

De eerste vermelding van een telefoonkantoor te Deurne dateert uit een kladschrijven van vermoedelijk eind 1904. Het gemeentebestuur van Deurne schreef aan de Minister van Waterstaat, Handel en Nijverheid dat een particuliere telefoononderneming, die kennelijk al in Deurne bestond, niet meer aan de eisen van de tijd voldeed, en dat men gebruik wilde maken van de oprichtingsmogelijkheden van een Rijkstelegraafkantoor, zoals bepaald bij een Koninklijk Besluit van 12-10-1899.
De oprichting van het telefoonnet in Deurne was natuurlijk niet zomaar klaar. Op 13-03-1906 stuurde de technische dienst der Rijkstelegraaf aan B&W van Deurne een brief, dat voor de aansluiting van de gemeente Deurne aan het Rijkstelefoonnet het noodzakelijk was dat steunpunten geplaatst zouden worden langs de weg tussen de spoorweg en het telegraafkantoor. Deze weg was de tegenwoordige Stationsstraat (vroeger Spoorstraat geheten), waarlangs diverse fabrikanten en particulieren in 1915 een aansluiting hadden.

Op 07-04-1906 ging er een brief van de Directeur-generaal der posterijen en telegrafie aan B&W van Deurne waarin deze adviseerde om gedurende het eerste jaar dat in Deurne een hulptelefoonkantoor was gevestigd aan de kantoorhouder daarvoor "geene afzonderlijke belooning toe te kennen. Na verloop van dien tijd zal dezerzijds, aan de hand van de alsdan  verkregen gegevens omtrent den omvang van het gezamenlijk telegraaf- en telefoonverkeer kunnen worden beoordeeld of en in hoeverre wijziging van de bezoldiging van den kantoorhouder voor het volgend jaar aan Uwe gemeente in beraad moet worden gegeven."
Op 12-06-1906 was het dan zover: een hulptelegraafkantoor werd te Deurne opengesteld voor het algemeen verkeer. De ontvangsten en uitgaven van het kantoor te Deurne zouden worden samengesmolten met die van het Rijkstelegraafkantoor te Helmond. Daarover lezen we in de Zuid-Willemsvaart, de Helmondse krant, van een onbepaalde dag in 1906: “In Deurne is een hulptelefoonkantoor voor het publiek opengesteld. Niet op zon en feestdagen.”

Ook internationaal verkeer was mogelijk: Op 08-08-1906 schreef de directeur-generaal der posterijen en telegrafie aan B&W te Deurne dat het hulptelefoonkantoor te Helenaveen onmiddellijk, en het hulptelefoonkantoor te Deurne eerst na het voeren van proefgesprekken tot het internationaaal telefoonverkeer kon worden toegelaten. Op 22-12-1906 schreef diezelfde directeur-generaal nog dat m.i.v. 01-01-1907 het hulptelefoonkantoor van Deurne en de aan dit kantoor rechtstreeks aangesloten of nog aan te sluiten percelen en openbare spreekcellen zouden worden opgenomen in het telefoonverkeer met de Duitse plaatsen, welke tot de telefoongemeenschap met Kaatsheuvel waren toegelaten.

Kennelijk was er in 1909 nog een geschil geweest betreffende het kantoor in Deurne. Op 13-12-1909 schreef P. Janssen, aannemer uit Asten, van de Machinale Timmerwinkel, aan de gemeenteraad van Deurne:
Edelachtbare Heeren,
Ondergeteekende neemt bij deze beleefd de vrijheid zich tot U Edelachtb. te wenden met verzoek om zoo spoedig mogelijk over te gaan tot beeindiging van het bestaande geschil over het Post- en Telefoonkantoor. Naar onze laatste afspraak zullen wij de quaestie door scheidsmannen deskundigen doen beslissn. Het zal hier voor noodig zijn dat wij het geschil dat zij zullen moeten beslissen omschrijven en dus juist aangeven waar over zij moeten beslissen. Wij zullen verder de wijze van benoeming der scheidsmannen moeten regelen, hunne wijze van beslissen moeten omschrijven en den tijd moeten aangeven, waarbinnen zij hun taak moeten volbrengen. Ik neem de vrijheid UEA te verzoeken mij Uwe voorstellen hier over zoo spoedig mogelijk te willen zenden om mij voldoende gelegenheid te geven, dat mij mijn geld voor de aanneming betaald worde.
Met achting P Janssen

Het post- en telegraafkantoor, gebouwd in 1909
(foto: Luuk Keunen)

 

Helenaveen

Op 16-11-1905 vond een besloten raadsvergadering van de Deurnese gemeenteraad plaats. Daarin werd gesproken over het oprichten van een hulpkantoor te Helenaveen:
Aanvraag van de maatschappij Helenaveen om een hulptelegraaf en telefoonkantoor te Helenaveen. De voorzitter deelt mede dat B. en W. aan den directeur hebben geschreven dat men wel genegen is de maatschappij niet genegen is daarop in te gaan, dewijl de provincie als besturen van Noord-Brabant Limburg daarbij betrokken zijn en nu de maatschappij verklaard heeft al de boeten te zullen dragen vindt zij het niet gemotiveerd die kwestie daarmede in verband te brengen. Dientengevolge hebben B. en W. gemeend den gemeenteraad te mogen voorstellen om bedoeld hulptelegraaf en tel.-kantoor aan te vragen volgens overgelegd adres waarvan voorlezing, wordt en wordt goedgekeurd om in de hervatte openbare vergadering vast te stellen.”
Op 30-01-1906 stuurde het gemeentebestuur van Deurne een brief aan de Minister van Waterstaat, Handel en Nijverheid met verzoek om te Helenaveen een hulptelefoonkantoor te mogen oprichten, dat zou worden ingericht in het daarvoor geschikte kantoor der posterijen en als kantoorhouder zou worden aangewezen de heer Jacobus Govaarts, brievengaarder te Helenaveen.
Nauwelijks een jaar later bleek dat het hulpkantoor inderdaad was opgericht, en dat men de openingstijden gelijk ging stellen aan die van de andere kantoren. In het aanvullend administratief archief van Deurne werd daarover een brief gevonden van dhr. A. Bos, van de Maatschappij Helenaveen, aan de burgemeester van Deurne. De brief dateert van 31 januari 1907.
Naar aanleiding van uwe missive dato gisteren met de ingesloten brieven van de telegraafkantoren Venlo en Helmond hebben wij de eer u te berichten dat wij gaarne bereid zijn om mede te werken de uren voor 't openstellen van 't telegraafkantoor gelijk te stellen met de uren op andere plaatsen. Wij kunnen ons echter niet vereenigen met de uren voorgesteld door den directeur van 't Rijkstelegraafkantoor te Venlo welke ons voorstelt 5 uur per dag 't telefoonkantoor open te stellen, waar tegenover staat dat 't thans 6 uur open is, zoodat wij een uur verliezen met de nieuwe regeling. Indien 't geregeld kon worden dat wij dit uur gesteld kregen van 7,5 tot 8,5 zoo zou ons dit 't meest geschikt voorkomen, zoodat 't dan werd 7,5-10,5, 11,5-12,5, 1,5-2,5 en 5,5-6,5. 't Morgenuur van 7,5 tot 8,5 is voor ons van belang met 't oog om met den dokter a costi te kunnen spreken, voordat deze uitgaat.
Aan 't einde van den brief van den directeur wordt op 't salaris van den kantoorhouder en brievengaarder gewezen, dat dit met de vermeerderde uren aanleiding zou kunnen geven op verhooging, wij wenschen opmerkzaam te maken, dat wij 't salaris bij de opening van 't telegraaf- en telefoonkantoor direct in plaats van fl. 50,00 op fl. 80,- brachten, zoodat wij thans weder geen aanleiding vinden 't te verhoogen, te meer daar de vernadering in de uren niet door ons verzocht is
.”

Voor Helenaveen heeft de opheffing van het bijzonder kantoor te Deurne (bij de instelling van het algemeen kantoor) gevolgen, getuige een brief d.d. 14-01-1906: “Brief van de inspectie der posterijen en telegrafie aan de burgemeester en wethouders van Deurne waarin deze meedeelt dat in verband met het buiten gebruik stellen van de particuliere verbindingen aan het voormalig bijzonder telefoonkantoor te Deurne de directeur van de Maatschappij Helenaveen zich tot de minister heeft gewend met het verzoek om telefonische aansluiting het het hulptelegraafkantoor te Deurne, onder voorrecht die aansluiting ook te kunnen gebruiken voor de telegramwisseling van derden. Er wordt verzocht om een persoonlijk onderhoud.”

 

Neerkant en Liessel

Helaas vond ik in de mij beschikbare informatie niets terug over de oprichting van de kantoren Neerkant en Liessel.

 

 

Personeel op de kantoren

 

Van een aantal kantoren heb ik personeelsleden kunnen vinden. Het hulptelegraafkantoor moest natuurlijk bemand worden om alle gesprekken aan te nemen en gesprekken te verbinden. De volgende werknemers werden in de archieven aangetroffen:

Hulptelegraaf- en hulptelefoonkantoor Liessel

Hulptelegraaf- en hulptelefoonkantoor Neerkant

Hulptelegraaf- en hulptelefoonkantoor Helenaveen

 

 

Telefoonaansluitingen in het dorp Deurne

 

Zoals L.J. van Loon al meldt in zijn achtergrondinformatie over Dordrecht, waren notabelen en locale middenstanders of notabelen in de meeste gevallen de bezitters van een telefoonaansluiting in 1915. Dat geldt eveneens voor Deurne. Hieronder zullen de eigenaren van een telefoon nader worden uitgewerkt.

Johannes A. van Baars (overleden 1914) was vanaf april 1895 de eigenaar van een hotel en café op de hoek van de huidige Stationsstraat en Spoorlaan in Deurne, niet ver van treinspoor en stationsgebouw. Kennelijk handelde hij ook in steenkolen (een belangrijk goed in de huishouding) en bouwmaterialen. Deze functie is reeds lang vervallen. Na het overlijden van J.A. van Baars gaat de vergunning over op zijn weduwe. De tegenwoordige uitbater Leo van Baars, nazaat van J.A. van Baars runt nog altijd een café op dezelfde locatie. Een hotelfunctie heeft het punt ook al lang niet meer. Van Baars is echter nog wel in hetzelfde pand gevestigd, dat sindsdien nauwelijks van uiterlijk is veranderd. Medio 2001 werd het 19e eeuwse pand dan ook tot Rijksmonument verklaard.

Slechts 100 meter van Van Baars was aan de Stationsstraat 122 het pand van de Boerenbond Deurne gevestigd, opgericht enige decennia voor de uitgave van ons telefoonboek. Deze bond was, zoals de naam al zegt, een vereniging van Deurnese boeren, een coöperatie. Het oude pand bestaat niet meer; eind jaren ’90 is er een in mijn ogen foeilelijk mintgroen modern pand geplaatst. De functie is echter voor het terrein bewaard gebleven.

Gemeentearts Pieter Jan Hubert Crobach (1851-1934) was gevestigd in de enige honderden meters verderop gelegen midden-19e-eeuwse villa Rozenberg. Deze woning was rond de eeuwwisseling door de gemeente aangekocht als woning voor de gemeentearts, ter vervanging van de woning aan de Markt die in 1895 voor de bouw van het nieuwe gemeentehuis was gesloopt. Rond 1915 woonden naast de arts en zijn vrouw, ook hun dochter en kleinzoon in huis. Deze kleinzoon was de dichter Jan Hanlo (1912-1969), bekend geworden door zijn gedicht “Oote oote boe”.

Uiteraard had ook het gemeentehuis, gelegen aan de Markt, een telefoonaansluiting. Naast het gemeentehuis werd in 1909 het post- en telegraafkantoor gebouwd. In 1934 werd het omgezet in een hulpkantoor.

Ch. Linders was vermoedelijk in 1915 de stationsopzichter van Deurne. Deurne was en is gelegen aan de spoorlijn Eindhoven-Venlo, aangelegd in de 60er jaren van de 19e eeuw. Erbij werd een witgepleisterd stationsgebouwtje geplaatst, voorzien van een woning voor de stationsopzichter op de eerste verdieping. Na de tweede wereldoorlog verving de NS dit gebouw door een moderner stationsgebouw, dat er nog altijd staat.

Johann Lohe was een uit Duitsland afkomstige protestant die in Deurne eigenaar werd van de stroohulzenfabriek aan de Stationsstraat, ter hoogte van de huidige rijwielhandel Manders, niet ver van de Boerenbond. Ertegenover had hij zijn directeurswoning.

A. van Loon is een onbekende voor me.

Abraham Smeelen was koopman te Deurne, maar waar hij woonde is niet duidelijk. Het enige wat we van hem vinden is dat hij soms als kopende partij bij openbare verkopen te Deurne optrad.

Emericus Hubertus Swinkels was brouwer in Deurne. Vermoedelijk woonde hij op de boerderij aan het begin van de Derpsestraat nabij villa Rozenberg, welke boerderij er nog altijd staat. Daar heb ik echter geen zekerheid over kunnen vinden.

Ook over Jos. Tielens vinden we niet veel. We weten slechts dat hij rond 1940 aan de Stationsstraat B 117 woonde, de “hoofdstraat” van de Deurnese telefonie. Zijn vrouw heette Linders. We komen hem nog tegen als radiohandelaar. Enkele jaren geleden vond ik op zolder nog een LP-hoes van de firma Tielens-Linders, met een driecijferig telefoonnummer. Na een naspeuring vond ik toen de weduwe Tielens-Linders nog in het bejaardentehuis in Deurne.

Groot Kasteel, zuidwestzijde
(foto: Brabant collectie, UVT)

Theodore Baron de Smeth (1855-1924) woonde met zijn vrouw Henriette M.R. Fagel (1861-1929) enkele maanden per jaar op het Groot Kasteel in Deurne, waar zij kennelijk een telefoonaansluiting naar toe hadden laten aanleggen. Het grootste deel van het jaar bewoonden zij hun woning aan het Lange Voorhout in ’s-Gravenhage, een huis van de familie Fagel. Dat pand is tegenwoordig in gebruik als Zwitserse Ambassade. Theodore de Smeth overleed in 1924, zijn vrouw volgde hem in 1929. Als heer van Deurne werd Theodore opgevolgd door zijn jonge gelijknamige achterneef Theodore, in 1924 pas 5 jaar oud. Hij bleef bewoner van het kasteel met zijn ouders en broers tot de beschietingen van 24 september 1944, toen het kasteel in puin werd geschoten. In 1952 en de zomer van 2002 werden de resten geconsolideerd. De ruine is vrij toegankelijk, op de bij een jongerensocieteit in gebruik zijnde ruimte na.

A. Willems de Kooning was directeur van de steenoven in de huidige St. Josephparochie. Deze steenfabriek lag tegenover het station en hotel Van Baars, aan de overzijde van het spoor. Vele vaders van oudere Deurnenaren hebben daar nog longaandoeningen opgedaan bij het werk boven de hete steen- en ringovens. Momenteel staan er huizen aan straten als de “Ringoven” en “Steenovenweg”. Deels is de locatie uitgegroeid tot een klein bedrijventerreintje.

 

Voor Deurne is een duidelijke route te herkennen in de telefoonaansluiting. De route begon bij de steenovenfabriek in de St. Josephparochie, liep via het station (Linders), Van Baars, de Boerenbond, Tielens, de stroohulzenfabriek en villa Rozenberg naar de Markt, waar het gemeentehuis en het postkantoor (ook telegraafkantoor?) hun aansluiting hadden. Swinkels woonde waarschijnlijk vlak achter de Stationsstraat, in de hoek Derpsestraat/Lage Kerk. Voor Baron de Smeth was vanaf de Markt door Kerkstraat en Haageind een aansluiting tot aan het kasteel gemaakt.

Op bijgaand kaartje zijn een aantal van de aansluitingen aangegeven. Het kaartje dateert uit het midden van de 19e eeuw (Chromotopografische kaart des Rijks).

 

Luuk Keunen, september 2002

top


Deze pagina is een onderdeel van geneaknowhow.net